Eske Koetje (1968) woont in Oudemolen en werkt in haar atelier in de Biotoop te Haren.

Mei 2015 - op weg naar het paradijs

Project Paradijs 1:

Inmiddels ben ik al een heel eind met mijn project 'Paradijs I', foto's daarvan zijn te zien tijdens de slideshow; grote houtskooltekeningen met veel dieren. Het idee is om een panorama te creƫren waar je in kan staan. Je wordt omringd of staat letterlijk in het paradijs.
Zes vellen van elk 3 meter hoog en 2.40 breed zijn af. Er komen nog 3 a 4 vellen bij, dan is het panorama rond. Een idee is om het werk nog te voorzien van bijpassend geluid!

November 2014 - 'Het Paradijs'

Van het landschap naar Het Paradijs.

Voor mij is dit een logische stap, alle elementen waar ik mee bezig ben en was komen in dit thema bij elkaar. Het kwartje viel na een interview met RTV Drenthe. De interviewer attendeerde me op een stuk tekst die ik nota bene zelf had geschreven: 'dat ik terugverlangde naar een utopische wereld'. Op dat moment was ik een tijdje van dit onderwerp afgedreven en dacht ik daar ben ik helemaal niet mee bezig. Hoe fout kun je het hebben.

De kunstgeschiedenis, het landschap, het imponerende. De rest van mijn leven zou ik kunnen wijden aan dit thema.

Net als bijna alle mensen met ipads, computers en alle mogelijkheden om op ieder moment en -elke plek informatie op te halen, scout ik door de plaatjes en verhalen van het internet, magazines en boeken. Geinspireerd door wat ik tegenkom; de continue stroom van data die aangesloten lijkt op mijn brein, construeer ik mijn eigen (ir)reele westerse wereldbeeld. Dit is mijn geconstrueerde paradijs. Een maakbare wereld waar elk moment zomaar weer iets nieuws in het veld kan worden gekwakt. Mijn paradijs bestaat uit een landschap met veel dieren. Ze symboliseren zaken als: vreugde, gevaar, vriendschap, ijdelheid en gierigheid. Wat er bij me opkomt wordt getekend en is opeens een onderdeel van het beeld. Is dit een paradijs of is dit een kwelling?

April 2014

Dit voorjaar ben ik begonnen met het maken van landschapstekeningen. Hiervoor gebruik ik een gemengde techniek op papier. Het maken van deze tekeningen hangt direct samen met mijn verhuizing naar het dorpje Oudemolen, midden in het prachtige cultuur- en natuurlandschap van de Drentsche Aa. Mijn tekeningen zijn intuitiever en ik maak ze meer op gevoel dan mijn -meer uitgedachte- ruiterportretten. Wat ik wil uitbeelden is de niet-zichtbare werkelijkheid en de verbinding tussen alles.

Maart 2012

'Op dit moment leg ik me veelal toe op het maken van een vertaling van oude ruiterportretten. Het ruiterportret is een gekend beeld; we herkennen de machthebber op zijn paard. Vroeger al imponeerde dit beeld me. Pas veel later realiseerde ik me dat deze hooggezeten wellicht niet die helden waren die de kunstenaar -en dan ook de geschiedenis- van ze maakte. Er zijn nog meer aspecten die me aanspreken in deze schilderijen zoals de vreemde onvolkomenheden, de overdreven pracht en praal, de theatrale poses en de vaak wonderlijke toevoegingen van engelen. In mijn vertaling van deze schilderijen benadruk ik of manipuleer ik de zaken die mij opvallen . Dit is mijn commentaar. Dit hoop ik met zekere humor en ironie te doen. Verder wil ik eigenlijk net als die oude meesters, visueel verleiden maar dan op mijn manier.'

Febr. 2011

IK MAAK SCHILDERIJEN VAN SCHILDERIJEN

'Als uitgangspunt voor mijn werk neem ik schilderijen van voor 1900. In de loop van de tijd ben ik overgegaan op het schilderen met olieverf. Mijn schilderijen werden/worden steeds fijner met meer oog voor het detail.'

Jan 2010

'De schilderijen van de oude Meesters intrigeren mij. De werken van Rembrandt, Vermeer en Potter zijn wereldberoemd en hun schilderijen behoren tot het Nederlands cultuurhistorisch erfgoed. Drommen scharen zich om de meesterwerken en mensen komen uit alle windstreken om de Nachtwacht, Het Melkmeisje en De Jonge Stier te bekijken. Als kind ging en ga je op excursie naar het Rijksmuseum en het Mauritshuis om deze schilderijen te bekijken, dat is een onderdeel van je opvoeding. Als kind al hebben de oude meesters indruk op me gemaakt. Maar nog steeds kan ik me verbazen over deze werken: hoe ze zijn gemaakt, de finesse, de kleuren, de symboliek maar ook de mythevorming rondom deze schilderijen.

Ik hou van dingen die me imponeren, me ontzag inboezemen en overrompelen. Met verwondering en open mond ergens naar kijken. De schilderijen van de oude meesters behoren hiertoe, maar ook kathedralen, een prachtige popster of een enorme eik. Ook archetypen zoals de Moeder of de Held fascineren me. Een zekere theatraliteit en dramatiek schuw ik niet, graag kijk ik naar architectuur en schilderijen uit de barok, dit is gemaakt om te imponeren en je nietig te doen voelen.

Als ik al mijn werk bekijk, verbeeld ik iconen. Niet alleen heb ik het religieuze icoon verbeeld zoals we die kennen uit de katholieke kerk, maar ook andere iconen zoals Marilyn Monroe. Schilderijen van de oude Hollandse meesters beschouw ik ook als iconen, ze vertegenwoordigen de beeldtaal van- en de Nederlanden uit de 16e t/m de vroeg 18e eeuw.

Het Veestuk is een geheel eigen genre. Dit genre boeit me. In het veestuk neemt viervoetig vee (vooral runderen, maar ook schapen, geiten en varkens) een prominente plaats in. Het bekendste veestuk is 'de Jonge stier' van Paulus Potter. De meeste veestukken pretenderen niet meer of minder te zijn dan vee in het bekoorlijk landschap. Toch prikkelt menig voorstelling de fantasie en het is niet ondenkbaar dat de schilder allerlei toespelingen maakt. Bijvoorbeeld de jonge stier van Potter zou het strijdbare Holland kunnen voorstellen en tegelijkertijd een vingerwijzing naar de oorzaak van de welvaart van Nederland, de veehouderij*.

Het veestuk ervaar ik als een wereld op zich. Wellicht verlang ik terug naar de vroegere tijden, naar bloemrijke weiden en schone lucht. Ik wil met mijn werk een utopische wereld maken. Daarnaast wil ik beschouwer prikkelen en allerlei diepzinnigheden meedelen door middel van de symboolfunctie van het verbeelde.

De gelaagdheid van mijn tekeningen wil ik versterken door te werken met verschillende lagen van droge- en natte mediums. Allereerst maak ik een basisschildering van inkt en dunne acryl. Daarna werk ik het geheel uit met houtskool, verf en pastel. De tekeningen worden gemaakt in zwarten en witten. De reden hiervoor is dat ik met nuances van grijs wil werken en dat geen specifieke kleur de aandacht trekt. Het gaat mij nu niet om de kleuren, maar om de afbeelding. Het kan zijn dat over het papier druipers lopen, dat hier en daar krasserig getekend is en dat de tekening gebobbeld is. Misschien dat er boven en onder bij de randen van het papier zijn nog resten van plakband of gaatjes van spijkers zijn te ontdekken. Dit zijn herinneringen van het maken van de tekening in het atelier. Het contrast tussen uitgewerkte stukken en minder nette delen vind ik interessant, in mijn ogen versterken ze elkaar.'

* "Bij het eindexamen 2011 van de Academie Minerva namen de ruiterschilderijen van Eske Koetje een dominante plaats in. De inspiratie voor haar werk haalt ze uit schilderijen van voor 1900. De oude meesters hebben als kind al indruk op haar gemaakt. Toch wil ze deze oude meesters niet naschilderen, ze maakt een keuze uit een genre en manipuleert op haar manier de geschiedenis. Met de keuze voor de ruiterportretten wil ze de status en pracht en praal van deze nobele machthebbers aan de kaak stellen. Dat doet ze door ze met ontluisterende toevoegingen te schilderen. Ook de schilderijen waarin vee een hoofdrol speelt, worden in haar handen ironische dieren die wel refereren naar, maar anderzijds ook ver af staan van, bijvoorbeeld de stier van Paulus Potter."

* Bron CBK Groningen

* dr Boschma e.a ' Meesterlijk vee, Nederlandse veeschilders 1600-1900'